Citaat | Hoge Raad 7 oktober 2003

Alinea 21 Hoge Raad 7 oktober 2003

Een alinea uit Hoge Raad 7 oktober 2003, ECLI:NL:HR:2003:AI1588.

3.3. Het gebruik van een bankpas in een pinautomaat door iemand die daartoe geen recht heeft, kan worden aangemerkt als het gebruik van een valse sleutel zoals bedoeld in art. 311, eerste lid onder 5, Sr in verbinding met art. 90 Sr. De onbekendheid van de gebruiker met de bijbehorende pincode doet hier niet aan af. Het middel, dat berust op de stelling dat uitsluitend een bankpas tezamen met een pincode kan worden aangemerkt als een valse sleutel, faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b468569032390b4f424892b64868856fe1bc53fae79d0fbecd7076b66ca5f0e6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b468569032390b4f424892b64868856fe1bc53fae79d0fbecd7076b66ca5f0e6, en de alinea staat in dat document op bytes 7901 tot 8373.