Citaat | Hoge Raad 3 oktober 2003
Alinea 18 Hoge Raad 3 oktober 2003
Een alinea uit Hoge Raad 3 oktober 2003, ECLI:NL:HR:2003:AL6962.
3.2. Voorts heeft het Hof geoordeeld dat belanghebbende in het onderhavige jaar zijn woonplaats, bedoeld in artikel 4 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (hierna: de Wet), (mede) in Nederland had. Het Hof heeft hiervoor redengevend geoordeeld dat, hoewel belanghebbende de woning in Q eind 1993 aan zijn zoon heeft verkocht, belanghebbende en zijn echtgenote feitelijk, als voorheen, duurzaam konden beschikken - en ook hebben beschikt - over die woning en, gezien de overweging dat de Inspecteur zijn in 4.3.2 van de uitspraak genoemde stelling aannemelijk heeft gemaakt, ook dat daar het middelpunt van de levensbelangen van belanghebbende lag.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6caa6a3f1ecff60e74571253e09648ca03fa3231734ff723fe7527e0d41c727a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6caa6a3f1ecff60e74571253e09648ca03fa3231734ff723fe7527e0d41c727a, en de alinea staat in dat document op bytes 7907 tot 8574.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6caa6a3f1ecff60e74571253e09648ca03fa3231734ff723fe7527e0d41c727a | shasum -a 256