Citaat | Hoge Raad 19 december 2003

Alinea 66 Hoge Raad 19 december 2003

Een alinea uit Hoge Raad 19 december 2003, ECLI:NL:HR:2003:AL7074.

3.4.1 Middel IV, dat de Hoge Raad als eerste zal behandelen, moet worden beoordeeld tegen de achtergrond van de volgende overwegingen van de rechtbank. Grief 1 in het incidenteel beroep houdt in dat de kantonrechter ten onrechte niet heeft geoordeeld over de vordering van [eiser] tot terugplaatsing van de bij verhuisbedrijf [A] opgeslagen goederen en betaling van de kosten van opslag door [verweerders] (rov. 13). [Verweerders] hebben goederen afkomstig uit de door hen verhuurde ruimtes in opslag gegeven aan [A]. [Verweerders] hebben aldus hun medewerking aan de ontruiming van de ruimtes verleend. Het enkele feit dat zij de huurovereenkomsten met [eiser] op grond van de Huurwet hebben opgezegd per 1 januari 1997 gaf hun echter niet de bevoegdheid op die wijze de ontruiming van de desbetreffende ruimtes op de zolderetage te bewerkstelligen. [Verweerders] zijn dan ook gehouden hun medewerking te verlenen aan teruggave van die goederen en daartoe de kosten van opslag van die goederen te voldoen (rov. 14).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44c6e910fa11fb34a11cd269246304e744c94dc6d633421e5020b08194d77c57. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44c6e910fa11fb34a11cd269246304e744c94dc6d633421e5020b08194d77c57, en de alinea staat in dat document op bytes 16253 tot 17282.