Citaat | Hoge Raad 19 december 2003

Alinea 36 Hoge Raad 19 december 2003

Een alinea uit Hoge Raad 19 december 2003, ECLI:NL:HR:2003:AL8422.

Het gaat hier naar de vaststelling van het hof om een door de raadsman van [eiser] en enige andere tuinders die in dezelfde positie verkeerden, geconcipieerde verklaring die aan [betrokkene 1] ter tekening is voorgehouden (en door hem inderdaad is ondertekend) tijdens een gesprek met de tuinders waarvoor [betrokkene 1] was uitgenodigd en waar ook de raadsman aanwezig bleek te zijn, welk gesprek volgens de raadsman ertoe strekte om de "waarheid" - het hof voegt toe: zijn waarheid - boven water te halen. Het hof heeft in verband met de wijze waarop de verklaring tot stand is gekomen, de verklaring - evenals de schriftelijke verklaringen van [betrokkene 1], die hij geschreven heeft als reactie op voornoemde verklaring - geheel buiten beschouwing gelaten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a11ca5ea9fdbbd169abf2f13512fbab4fb287deefeb36d67376ef31d05d2a43. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a11ca5ea9fdbbd169abf2f13512fbab4fb287deefeb36d67376ef31d05d2a43, en de alinea staat in dat document op bytes 8733 tot 9507.