Citaat | Hoge Raad 5 december 2003
Alinea 75 Hoge Raad 5 december 2003
Een alinea uit Hoge Raad 5 december 2003, ECLI:NL:HR:2003:AL8440.
Het hof heeft dit bewijsaanbod kennelijk niet ter zake dienend geacht. Dit oordeel geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk, nu het bewijsaanbod deels strekte tot bewijs van een stelling van de bank die het hof zonder bewijslevering aan zijn oordelen ten grondslag heeft gelegd (stelling (a)), deels een conclusie uit die stelling betrof en niet een zelfstandige feitelijke stelling (stelling (b)) en voor het overige betrekking had op stellingen die het hof kennelijk voor zijn beslissing niet van belang heeft geacht. Daarbij verdient aantekening dat het middel tegen dit laatste geen klacht inhoudt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0dbf7de89c61e55a671ce259a79989e6352634ea2a72d662623c98e2d57ac7ee. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0dbf7de89c61e55a671ce259a79989e6352634ea2a72d662623c98e2d57ac7ee, en de alinea staat in dat document op bytes 23887 tot 24537.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0dbf7de89c61e55a671ce259a79989e6352634ea2a72d662623c98e2d57ac7ee | shasum -a 256