Citaat | Hoge Raad 7 mei 2004
Alinea 274 Hoge Raad 7 mei 2004
Een alinea uit Hoge Raad 7 mei 2004, ECLI:NL:HR:2004:AF6988.
Zo hield de Zwitserse uitleveringsrechter in de zaak Kavic(58) rekening met het feit dat in het toenmalige totalitaire systeem van Joegoslavië (1952) elke politieke oppositie werd onderdrukt, waardoor een politieke strijd om de macht zo niet uitgesloten dan toch in ieder geval uitzichtloos was. Om die reden werd de kaping door Kavic van een vliegtuig om in Zwitserland politiek asiel aan te vragen als een politiek delict beschouwd. Hier tegenover staat de zaak-Ktir (een lid van het Algerijnse Bevrijdingsfront) waarin door de rechters van het Federale Hof van Lausanne werd geoordeeld dat de executie van een verrader niet het enige middel was om de belangen van het Front te dienen.(59) (Over een cruciaal verschil tussen Kavic en Ktir: wel of geen bloedvergieten in relatie tot het beoogde doel, later meer).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8ec1d63d231cdc629bf80b47ad90a9a0037eebc9bb5122850a6be27de29ab42b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8ec1d63d231cdc629bf80b47ad90a9a0037eebc9bb5122850a6be27de29ab42b, en de alinea staat in dat document op bytes 117482 tot 118310.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8ec1d63d231cdc629bf80b47ad90a9a0037eebc9bb5122850a6be27de29ab42b | shasum -a 256