Citaat | Hoge Raad 11 juni 2004
Alinea 21 Hoge Raad 11 juni 2004
Een alinea uit Hoge Raad 11 juni 2004, ECLI:NL:HR:2004:AF7812.
3.3. Het Hof heeft geoordeeld dat de ontslagvergoeding niet kan worden aangemerkt als een rechtstreekse beloning voor bepaalde, al dan niet in België of Luxemburg verrichte arbeid, nu zij haar oorzaak vindt in het ontslag uit een Nederlandse dienstbetrekking en de daaruit voortvloeiende schade, bestaande in toekomstige inkomensderving. Dat de hoogte van de ontslagvergoeding mede afhankelijk is van het aantal verstreken dienstjaren, brengt niet mee dat deze vergoeding ook moet worden toegerekend aan de arbeid die in het verleden is verricht. Nu geen rechtstreeks verband bestaat tussen de verrichte arbeid en de ontslagvergoeding, kan niet worden gezegd dat artikel 15 of 16 van het Belastingverdrag Nederland-België van 19 oktober 1970 (hierna: het Verdrag Nederland-België) in het onderhavige geval van toepassing is, zulks te meer niet nu de ontslagvergoeding is doorbelast aan de moedermaatschappij in Duitsland en niet is doorbelast aan de zustermaatschappij in België. De ontslagvergoeding is dan ook niet deels toe te rekenen aan in België of Luxemburg verrichte werkzaamheden, aldus nog steeds het Hof. Deze oordelen worden in de middelen I tot en met IV bestreden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5a3cc47ab898b01a591525a8d1bc28d15a8ee6a3d82021407cb032c3d4a1ef29. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5a3cc47ab898b01a591525a8d1bc28d15a8ee6a3d82021407cb032c3d4a1ef29, en de alinea staat in dat document op bytes 9719 tot 10916.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5a3cc47ab898b01a591525a8d1bc28d15a8ee6a3d82021407cb032c3d4a1ef29 | shasum -a 256