Citaat | Hoge Raad 30 januari 2004

Alinea 63 Hoge Raad 30 januari 2004

Een alinea uit Hoge Raad 30 januari 2004, ECLI:NL:HR:2004:AF8839.

Blijkens het vorenoverwogene voorziet de betrokken publiekrechtelijke regeling (art. 40 Iw 1990) wel degelijk in het antwoord op de vraag of de ontvanger naast zijn in de Invorderingswet 1990 geregelde bevoegdheden ook gebruik mag maken van de hem krachtens het burgerlijk recht toekomende bevoegdheden, aldus dat de ontvanger dit recht inderdaad heeft, zodat van een onaanvaardbare doorkruising als vorenbedoeld, te dezen geen sprake is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/023fc537eed898306e0dd42fd282f07f96f6caf7c2fa99119107fe86ca57b5c0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 023fc537eed898306e0dd42fd282f07f96f6caf7c2fa99119107fe86ca57b5c0, en de alinea staat in dat document op bytes 26258 tot 26709.