Citaat | Hoge Raad 30 januari 2004

Alinea 70 Hoge Raad 30 januari 2004

Een alinea uit Hoge Raad 30 januari 2004, ECLI:NL:HR:2004:AF8839.

3.13 [Eiseres] heeft aan die klachten ten grondslag gelegd de stelling dat de staking van de onderneming van D en R in de loop van 1991, althans in elk geval voor eind 1994, meebracht dat reeds toen geen sprake meer was van een reëel vervangingsvoornemen en de vervangingsreserve daardoor is vrijgevallen. Deze stelling is door [eiseres] voor het eerst in cassatie naar voren gebracht en vormt een ontoelaatbaar novum. In feitelijke aanleg had [eiseres] zich op het standpunt gesteld dat bij D en R sprake is geweest van een reëel vervangingsvoornemen en dat ook bij de koper van de aandelen, [betrokkene 1], ten tijde van de transactie in september 1995 een dergelijk voornemen bestond.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/023fc537eed898306e0dd42fd282f07f96f6caf7c2fa99119107fe86ca57b5c0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 023fc537eed898306e0dd42fd282f07f96f6caf7c2fa99119107fe86ca57b5c0, en de alinea staat in dat document op bytes 32465 tot 33167.