Citaat | Hoge Raad 13 augustus 2004

Alinea 23 Hoge Raad 13 augustus 2004

Een alinea uit Hoge Raad 13 augustus 2004, ECLI:NL:HR:2004:AL7045.

3.4. Het gaat in artikel 67a AWR om een discretionaire bevoegdheid van de inspecteur. De inspecteur moet deze bevoegdheid uitoefenen met inachtneming van geschreven en ongeschreven rechtsbeginselen, waarvan hier van belang is het in artikel 3:4, lid 2, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) neergelegde evenredigheidsbeginsel. Dat beginsel brengt mee dat de boete niet onevenredig mag zijn in verhouding tot de ernst van de gedraging op grond waarvan zij is opgelegd. In een geval als het onderhavige, waarin een belastingplichtige die gegevens voor meer dan één heffing moet verstrekken dat dient te doen op één aangiftebiljet, zodat door het niet of te laat indienen van dat biljet meer dan één verzuim wordt gepleegd, brengt dat beginsel mee dat de op elk van die verzuimen gestelde sancties niet cumulatief behoren te worden toegepast.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/69232bcc8eb30a98fb96d84091b02628ba838bb1b87c985bbb50b9c11ed03779. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 69232bcc8eb30a98fb96d84091b02628ba838bb1b87c985bbb50b9c11ed03779, en de alinea staat in dat document op bytes 11152 tot 12020.