Citaat | Hoge Raad 16 januari 2004

Alinea 46 Hoge Raad 16 januari 2004

Een alinea uit Hoge Raad 16 januari 2004, ECLI:NL:HR:2004:AM2358.

3.3.1 Tegen de hiervoor onder 1 vermelde vorderingen, die [eiser] vervolgens in 1995 bij de rechtbank tegen [verweerder] c.s. aanhangig heeft gemaakt, hebben [verweerder] c.s. onder meer als verweer aangevoerd dat de koopovereenkomst van rechtswege ontbonden is doordat [eiser] niet heeft voldaan aan zijn verplichting jegens hen inzake de indeplaatsstelling. De rechtbank heeft bij vonnis van 28 mei 1997 de door [eiser] primair gevorderde nakoming (betaling van de koopprijs) niet-toewijsbaar geoordeeld en [verweerder] c.s. in verband met de subsidiair gevorderde vervangende schadevergoeding toegelaten tot bewijslevering.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d4891838c84922fcd1564133984ca3f42c72d993e04bc5164f853c3cc0bbc36. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d4891838c84922fcd1564133984ca3f42c72d993e04bc5164f853c3cc0bbc36, en de alinea staat in dat document op bytes 11829 tot 12468.