Citaat | Hoge Raad 6 januari 2004
Alinea 40 Hoge Raad 6 januari 2004
Een alinea uit Hoge Raad 6 januari 2004, ECLI:NL:HR:2004:AM2529.
"Ik ken [betrokkene 6] en [betrokkene 1] als buitenlanders. [betrokkene 1] heeft met zijn nieuwe vriendin een maand geleden in het Postiljon hotel in Deventer overnacht. [verdachte] had deze overnachting geregeld. We zijn nog wezen stappen. De dag nadat we aan het stappen waren geweest kwam [betrokkene 1] met zijn vriendin bij mij in de woning. [verdachte] had toen een voorraad hasj en weed klaar staan voor [betrokkene 1] . Er stond een plastic Albert Heijn-tas voor hem klaar met daarin weed en hasj. [verdachte] had zelf die voorraad klaar gemaakt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/001eefc262b3855dbc6c2faefcb928981d4fef84bb925d8f6bf68488e430a2f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 001eefc262b3855dbc6c2faefcb928981d4fef84bb925d8f6bf68488e430a2f8, en de alinea staat in dat document op bytes 15645 tot 16212.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/001eefc262b3855dbc6c2faefcb928981d4fef84bb925d8f6bf68488e430a2f8 | shasum -a 256