Citaat | Hoge Raad 30 maart 2004

Alinea 63 Hoge Raad 30 maart 2004

Een alinea uit Hoge Raad 30 maart 2004, ECLI:NL:HR:2004:AM2533.

De drie Duitse klanten, genaamd [betrokkene 2], [betrokkene 3] en [betrokkene 4], die in de achterkamer zaten, hebben verklaringen afgelegd. De Duitse getuigen voornoemd wezen de in de woning aanwezige [verdachte] (verdachte) aan als de verkoper van de verdovende middelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/430ef1fa8929369f3ad99137a5ce8deedcf6c5225eb4f5595ffb85da11bf4ae8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 430ef1fa8929369f3ad99137a5ce8deedcf6c5225eb4f5595ffb85da11bf4ae8, en de alinea staat in dat document op bytes 26772 tot 27058.