Citaat | Hoge Raad 30 januari 2004

Alinea 17 Hoge Raad 30 januari 2004

Een alinea uit Hoge Raad 30 januari 2004, ECLI:NL:HR:2004:AN8601.

Verweerder in cassatie - verder te noemen: [verweerder] - heeft bij exploot van 4 juli 2000 eiseres tot cassatie - verder te noemen: [eiseres] - en [betrokkene 1], wonende te [woonplaats], hierna: [betrokkene 1], gedagvaard voor de rechtbank te 's-Hertogenbosch en gevorderd bij vonnis, voor zover en voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, op de in de dagvaarding aangevoerde gronden, althans in goede justitie te vermenen gronden, [eiseres] en [betrokkene 1] hoofdelijk, des de een betalende de ander zal zijn gekweten, te veroordelen tot betaling aan [verweerder] van alle geleden en nog te lijden materiële en immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente over alle verschuldigde bedragen met ingang van 5 juli 1995, althans met ingang van een in goede justitie te vermenen datum, welke geleden en nog te lijden materiële en immateriële schade nader zal dienen te worden opgemaakt bij staat en dient te worden vereffend volgens de wet, kosten rechtens.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/522dbdb3e2714d100aa3c7050e7aaf181f70683adf4fcfffcccf007b9c495009. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 522dbdb3e2714d100aa3c7050e7aaf181f70683adf4fcfffcccf007b9c495009, en de alinea staat in dat document op bytes 5249 tot 6239.