Citaat | Hoge Raad 20 januari 2004
Alinea 30 Hoge Raad 20 januari 2004
Een alinea uit Hoge Raad 20 januari 2004, ECLI:NL:HR:2004:AN9191.
3.3. Aan een door het parket bij de Hoge Raad verzonden kennisgeving als bedoeld in art. 444, tweede lid, Sv over de afloop van de cassatieprocedure, waarin het door de Hoge Raad gegeven dictum onjuist wordt weergegeven, kan de verdachte niet het gerechtvaardigd vertrouwen ontlenen dat het Openbaar Ministerie hem niet verder zal vervolgen. Het andersluidende oordeel van het Hof is derhalve onjuist. Mede in aanmerking genomen dat het parket bij de Hoge Raad geen deel uitmaakt van het openbaar ministerie, valt niet in te zien waarom een door het parket bij de Hoge Raad verzonden kennisgeving over de afloop van de cassatieprocedure, waarin door een administratieve vergissing onjuiste informatie is opgenomen, de bevoegdheid van het Openbaar Ministerie om ingevolge het arrest van de Hoge Raad de strafvervolging voort te zetten, raakt. Voorzover het middel hierover klaagt, is het terecht voorgesteld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/91d2d2c38630c18d76c6389792fbe04d2ebbf98b96894aa8832fbcb685aa1af6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 91d2d2c38630c18d76c6389792fbe04d2ebbf98b96894aa8832fbcb685aa1af6, en de alinea staat in dat document op bytes 9662 tot 10582.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/91d2d2c38630c18d76c6389792fbe04d2ebbf98b96894aa8832fbcb685aa1af6 | shasum -a 256