Citaat | Hoge Raad 7 mei 2004
Alinea 39 Hoge Raad 7 mei 2004
Een alinea uit Hoge Raad 7 mei 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO3167.
3.4.3 Voor een uitzondering op het beginsel van de formele rechtskracht in een geval als het onderhavige is alleen dan plaats indien moet worden geoordeeld dat in de procedure bij de bestuursrechter die het bestreden besluit in stand heeft gelaten, is gehandeld in strijd met een fundamenteel rechtsbeginsel waardoor niet meer gesproken kan worden van een eerlijke en onpartijdige behandeling van de zaak. De enkele omstandigheid dat in de procedure bij de bestuursrechter, waarin geen verplichting bestaat om getuigen te horen, geen getuigen zijn gehoord, levert een dergelijke schending niet op.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f28afefcd2b72d24cff296218aac3c4dd812916965427b0c8c01c19df7376c22. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f28afefcd2b72d24cff296218aac3c4dd812916965427b0c8c01c19df7376c22, en de alinea staat in dat document op bytes 11359 tot 11969.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f28afefcd2b72d24cff296218aac3c4dd812916965427b0c8c01c19df7376c22 | shasum -a 256