Citaat | Hoge Raad 22 juni 2004

Alinea 30 Hoge Raad 22 juni 2004

Een alinea uit Hoge Raad 22 juni 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO5848.

Het Hof heeft klaarblijkelijk geoordeeld dat de in het middel bedoelde voorwerpen, te weten een zilverkleurige plastic zak en een grote boodschappentas eerst door de verbalisanten aan een onderzoek zijn onderworpen nadat die voorwerpen - als daarvoor vatbaar - door hen in beslag waren genomen en dat daarom van een doorzoeking als in het verweer bedoeld geen sprake is geweest.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d59d0aaac5b032341aebaab8585caaf2b5dea7ad85a161f5942213497194e91. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d59d0aaac5b032341aebaab8585caaf2b5dea7ad85a161f5942213497194e91, en de alinea staat in dat document op bytes 11033 tot 11424.