Citaat | Hoge Raad 18 juni 2004
Alinea 46 Hoge Raad 18 juni 2004
Een alinea uit Hoge Raad 18 juni 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO6913.
(ix) [Eiser] had inmiddels zelf na het vertrek van zijn assurantietussenpersoon geconstateerd dat het alarm uitstond. [Eiser] heeft dit weer ingeschakeld en daarop [verweerder] gebeld. [Verweerder] deelde toen aan [eiser] mede dat hij de avond tevoren ter plaatse was geweest om de noodzekering te vervangen. Voorts maakte hij kenbaar zich niet bewust te kunnen herinneren het alarm wederom ingeschakeld te hebben omdat hij werd afgeleid door een telefoontje op zijn mobiele telefoon.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3abe6f1ada3a8a2f840ddf0024dd182b1a0b65c7ca4872060a3bdec27e76aab6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3abe6f1ada3a8a2f840ddf0024dd182b1a0b65c7ca4872060a3bdec27e76aab6, en de alinea staat in dat document op bytes 11749 tot 12247.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3abe6f1ada3a8a2f840ddf0024dd182b1a0b65c7ca4872060a3bdec27e76aab6 | shasum -a 256