Citaat | Hoge Raad 9 juli 2004

Alinea 46 Hoge Raad 9 juli 2004

Een alinea uit Hoge Raad 9 juli 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO7721.

Er bestaat echter geen aanleiding te veronder-stellen dat de wetgever hiermee heeft gekozen voor een exclusieve aansprakelijkheid van de politieregio als beheerder. Niet uitgesloten is dat ook degene die het gezag over de politie heeft, aansprakelijk kan worden gehouden voor fouten van de politie, waaronder mede begrepen het niet-optreden van de politie waar dit wel is vereist, en de daardoor ontstane schade. Het stelsel van de wet houdt in dat de politie steeds hetzij onder gezag van de burgemeester hetzij onder gezag van de officier van justitie dan wel beiden tezamen werkzaam is en zich naar de aanwijzingen van de burgemeester en/of de officier van justitie moet gedragen. Anders dan het onderdeel betoogt, bestaat de bedoelde aansprakelijkheid niet alleen indien bij de daadwerkelijke uitoefening van het gezag onrechtmatig wordt gehandeld jegens de betrokkene, maar ook indien de politieambtenaren hun werkzaamheden uitoefenen (of behoren uit te oefenen) op een gebied waarvoor volgens het stelsel van de wet dat gezag geldt, ongeacht of dit gezag daadwerkelijk door het geven van concrete aanwijzingen is uitgeoefend. Daarbij is in aanmerking te nemen dat in de praktijk veelal geen sprake zal zijn van - voor de door het politieoptreden getroffen burger waarneembare - concrete aanwijzingen met betrekking tot de taakuitoefening, zeker niet in een geval als het onderhavige waarin het verwijt aan de Gemeente juist is dat adequaat politieoptreden is uitgebleven. Aan het voorgaande kan niet afdoen dat de politie binnen het gegeven beleidskader zelfstandig werkzaam zal zijn. De rechtbank heeft dan ook met juistheid geoordeeld dat de aansprakelijkheid van de Gemeente reeds kan bestaan op grond van het feit dat de politieambtenaren in de (niet-)uitoefening van hun werkzaamheden, die in het onderhavige geval klaarblijkelijk mede de handhaving van de openbare orde betroffen, onder het gezag van de burgemeester als orgaan van de Gemeente stonden. De enkele omstandigheid dat dit gezag door de burgemeester als orgaan van de gemeente wordt uitgeoefend, ongeacht of hij daarbij daadwerkelijk betrokken is, is voldoende om aan te nemen dat is voldaan aan het bepaalde in art. 6:170 lid 1 BW op grond waarvan de gemeente aansprakelijk is, zij het dat de draagplicht in een geval waarin de burgemeester geen onjuiste aanwijzingen heeft gegeven, in beginsel bij de politieregio zal liggen (vgl. HR 25 september 1992, nr. 14715, NJ 1994, 767). Het onderdeel faalt derhalve.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/31e5423be3cd28c762df10b4a72c2cd1471c106f1105ec75f2001dbdf927a1c9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 31e5423be3cd28c762df10b4a72c2cd1471c106f1105ec75f2001dbdf927a1c9, en de alinea staat in dat document op bytes 19867 tot 22364.