Citaat | Hoge Raad 24 september 2004
Alinea 60 Hoge Raad 24 september 2004
Een alinea uit Hoge Raad 24 september 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO9070.
3.3 Daartoe heeft het hof, voor zover in cassatie van belang, samengevat, als volgt overwogen. In rov. 4.19 is het hof tot de slotsom gekomen dat de door [eiser 2] gevoerde snelheid, ook al zou die, zoals Stad Rotterdam c.s. stellen, omstreeks 55 km per uur hebben bedragen, als te hoog moet worden bestempeld. Daardoor was [eiser 2] al bij voorbaat de mogelijkheid ontnomen om op de naderende [verweerder 1] anders te kunnen reageren dan alleen door gas terug te nemen en uit te wijken. Naast die wijze van reageren was een andere reactie, zoals in elk geval het geven van enig waarschuwingssignaal geïndiceerd. Aangenomen moet worden dat het [eiser 2] eveneens aan tijd heeft ontbroken om op het wegdek te remmen voordat hij met de combinatie naar rechts uitweek. Het hof heeft vervolgens in rov. 4.23 geoordeeld dat het verkeersgedrag van [eiser 2] jegens [verweerder 1] als gevaarzettend en derhalve als onrechtmatig heeft te gelden, hetgeen hem ook valt te verwijten en derhalve valt toe te rekenen. In rov. 4.24 heeft het hof met toepassing van de zogenoemde omkeringsregel geoordeeld dat het vereiste causaal verband tussen het handelen van [eiser 2] en het ongeval en de daaruit voortvloeiende schade in beginsel is gegeven en vervolgens geoordeeld dat het vereiste causaal verband ook vaststaat. Stad Rotterdam c.s. zijn derhalve, aldus het hof, in beginsel gehouden de als gevolg daarvan geleden schade van [verweerder 1] en Groene Land te vergoeden. Het hof heeft vervolgens onderzocht in hoeverre het ongeval mede een gevolg is van een omstandigheid die aan [verweerder 1] kan worden toegerekend op de voet van art. 6:106 lid 1 BW. De wederzijdse omstandigheden waarderend is het hof uitgekomen op een verdeling van de schade in de verhouding 50:50 (rov. 4.29). In de verhouding tot Groene Land achtte het hof geen omstandigheden aanwezig op grond waarvan de billijkheid een correctie op die verdeling eist. In de verhouding tot [verweerder 1] oordeelde het hof dat de billijkheid een correctie op de causale verdeling eist, in die zin dat de schade wordt verdeeld volgens de verhouding 25%:75% aan de zijde van [verweerder 1] respectievelijk Stad Rotterdam c.s. (rov. 4.30).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0bec27217edbeb0165e3efd3e45218be7f46e31850b2c20d763ecbd911c5f988. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0bec27217edbeb0165e3efd3e45218be7f46e31850b2c20d763ecbd911c5f988, en de alinea staat in dat document op bytes 16606 tot 18807.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0bec27217edbeb0165e3efd3e45218be7f46e31850b2c20d763ecbd911c5f988 | shasum -a 256