Citaat | Hoge Raad 24 september 2004

Alinea 62 Hoge Raad 24 september 2004

Een alinea uit Hoge Raad 24 september 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO9070.

3.4.2 De onderdelen 2.1 en 2.2 bevatten geen klachten. Onderdeel 2.3 klaagt dat het hof ten onrechte voor de beantwoording van de vraag of [eiser 2] ingevolge art. 6:162 BW jegens [verweerder 1] aansprakelijk is, de maatstaf van art. 185 WVW 1994 - aansprakelijkheid tenzij een geslaagd beroep op overmacht wordt gedaan - heeft gehanteerd. De klacht mist feitelijke grondslag, nu uit de motivering die het hof heeft gegeven voor zijn oordeel dat [eiser 2] aansprakelijk is, blijkt dat het hof die maatstaf niet heeft gehanteerd, maar gezien de rov. 4.7 en 4.23 van zijn arrest de vordering heeft getoetst aan art. 6:162 BW.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0bec27217edbeb0165e3efd3e45218be7f46e31850b2c20d763ecbd911c5f988. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0bec27217edbeb0165e3efd3e45218be7f46e31850b2c20d763ecbd911c5f988, en de alinea staat in dat document op bytes 19152 tot 19788.