Citaat | Hoge Raad 28 mei 2004

Alinea 36 Hoge Raad 28 mei 2004

Een alinea uit Hoge Raad 28 mei 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP0263.

De kantonrechter, van oordeel dat het er voorshands voor moest worden gehouden dat het ontslag te zijner tijd nietig zou worden geoordeeld en dat derhalve de vordering van [verweerder] in een bodemprocedure een zodanige kans van slagen had dat vooruitlopen daarop gerechtvaardigd was, heeft die loonvordering toegewezen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0b9708cfcb640b8d89fbaaa99ab5a3c44bc0aeae9b7a78c4ff7c245602fa67d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0b9708cfcb640b8d89fbaaa99ab5a3c44bc0aeae9b7a78c4ff7c245602fa67d8, en de alinea staat in dat document op bytes 9614 tot 9947.