Citaat | Hoge Raad 17 september 2004

Alinea 56 Hoge Raad 17 september 2004

Een alinea uit Hoge Raad 17 september 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP0434.

4.2.1 Onderdeel 1.4 keert zich tegen rov. 4.5 voor zover het hof daarin aan zijn oordeel dat de vrouw geen behoefte heeft aan een uitkering tot levensonderhoud mede ten grondslag legt, dat de vrouw niet heeft aangevoerd dat zij de levensstandaard die zij tijdens het huwelijk gewend was zonder een onderhoudsbijdrage niet kan continueren. Naar het onderdeel betoogt, is dit oordeel onjuist, althans onbegrijpelijk in het licht van het feit dat de vrouw zich in hoger beroep op het standpunt heeft gesteld dat de rechtbank is uitgegaan van de juiste financiële gegevens, dat wil zeggen onder meer van het feit dat het arbeidsinkomen van de vrouw over 2001 ruim ƒ 70.000,-- bedroeg en dat van de man over 2000 ƒ 163.830,-- terwijl deze daarnaast nog inkomsten uit de gewone bedrijfsuitoefening genoot ter grootte van ƒ 20.000,--.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/997a57973386db54632eda55a8e5f7547adcc4e847e17cc8e7989fd541a4dbb8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 997a57973386db54632eda55a8e5f7547adcc4e847e17cc8e7989fd541a4dbb8, en de alinea staat in dat document op bytes 14452 tot 15296.