Citaat | Hoge Raad 12 november 2004

Alinea 40 Hoge Raad 12 november 2004

Een alinea uit Hoge Raad 12 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP0965.

3.4 De rechtbank heeft met haar oordeel, dat het recht dat de arbeidsovereenkomst tussen [eiser] en Tiefbohr beheerst, toepasselijk is op de gestelde verbintenis uit onrechtmatige daad tussen [eiser] en Deutag, miskend dat volgens het Nederlandse conflictenrecht geen plaats is voor accessoire aanknoping, indien dader en benadeelde niet beiden partij zijn bij de bestaande of gewezen rechtsverhouding waaraan het toepasselijke recht op de verbintenis uit onrechtmatige daad wordt ontleend. Voor zover de rechtbank mocht hebben geoordeeld dat, gelet op de concrete omstandigheden van het onderhavige geval, Duitsland nauwer bij de door [eiser] aan Deutag verweten onrechtmatige daad is betrokken dan Thailand of Nederland en dat daarom een uitzondering op de toepasselijkheid van Thais recht ingevolge de lex loci delicti regel dan wel op toepasselijkheid van Nederlands recht ingevolge de gevolgenuitzondering, thans gecodificeerd in art. 3 lid 3 van de Wet conflictenrecht onrechtmatige daad, geboden is, heeft zij miskend dat het stelsel van objectieve verwijzingsregels inzake de aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad geen ruimte laat voor toepassing van een algemene exceptie ten behoeve van een in het concrete geval nauwer betrokken rechtsstelsel. Onderdeel b, dat een desbetreffende klacht bevat, slaagt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2ae1f7630b02aa9a43af52b41faf518663074f078e5bf31aab26a45d1f93a2a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2ae1f7630b02aa9a43af52b41faf518663074f078e5bf31aab26a45d1f93a2a, en de alinea staat in dat document op bytes 10851 tot 12179.