Citaat | Hoge Raad 9 juli 2004

Alinea 39 Hoge Raad 9 juli 2004

Een alinea uit Hoge Raad 9 juli 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP1074.

3.3 De kantonrechter heeft de vordering - zij het, kennelijk bij vergissing, tot het oorspronkelijk gevorderde bedrag van ƒ 4.995,64 - toegewezen. Hij overwoog daartoe, kort gezegd, dat redelijke kosten tot incasso in beginsel steeds voor vergoeding in aanmerking komen, ongeacht de grondslag van het vorderingsrecht, dat Vormenfabriek een redelijke grond had om de vordering uit handen te geven en dat de hoogte van het gevorderde bedrag eveneens redelijk is, gelet op de hoogte van de vordering en de verrichte werkzaamheden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/077d84d5806133af355f17ff70ad89550b7f551c7a8a867b9ddffb57eef5ec8b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 077d84d5806133af355f17ff70ad89550b7f551c7a8a867b9ddffb57eef5ec8b, en de alinea staat in dat document op bytes 10774 tot 11315.