Citaat | Hoge Raad 15 oktober 2004

Alinea 48 Hoge Raad 15 oktober 2004

Een alinea uit Hoge Raad 15 oktober 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP1668.

3.4 Middel I klaagt over de verwerping door het hof (in rov. 5.2) van het betoog van NVDC c.s. dat een op grond van de Wud 1990 bestaande bevoegdheid tot uitoefening van (een deel van) de diergeneeskunde de bevoegdheid tot het toepassen van alle daartoe noodzakelijke diergeneesmiddelen zou insluiten. Deze klacht kan wegens gebrek aan belang niet tot cassatie leiden, nu de beslissing van het hof immers reeds gedragen wordt door 's hofs, in cassatie tevergeefs bestreden, oordeel dat de dierverloskundigen die zich als dierenartsassistent op het enten van grootvee gingen richten ook voorzover hun de bevoegdheid daartoe op grond van de Wud en het Besluit paraveterinairen toekwam, er in ieder geval rekening mee hadden behoren te houden dat de wetgever de discrepantie tussen die bevoegdheid en de Kanalisatieregeling in voor hen nadelige zin zou opheffen. Ten overvloede wijst de Hoge Raad er overigens op dat het in het middel bedoelde betoog, waarvoor het middel steun zoekt in de wetssystematiek en de wetsgeschiedenis, - wat daarvan zij - niet kan leiden tot de gevolgtrekking dat als dierenartsassistent toegelaten dierverloskundigen voor 1 juni 1994 zonder meer bevoegd waren grootvee met als UDD-middelen aangewezen entstoffen te enten, nu NVDC c.s. niet gesteld hebben dat die entingen geschiedden in het kader van dierverloskundige behandelingen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49cbb2b1b7fbba3992a89784febd0a695ee3d3cc9f2d5049fa7ffaba0614b56e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49cbb2b1b7fbba3992a89784febd0a695ee3d3cc9f2d5049fa7ffaba0614b56e, en de alinea staat in dat document op bytes 14498 tot 15870.