Citaat | Hoge Raad 18 juni 2004

Alinea 19 Hoge Raad 18 juni 2004

Een alinea uit Hoge Raad 18 juni 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP1874.

3.3. Het Hof heeft geoordeeld dat de duidelijke tekst van artikel 29a, lid 5, van de Wet, noch de geschiedenis van de totstandkoming daarvan, steun biedt aan het standpunt (van de Inspecteur) dat tot de in het voorafgaande kalenderjaar genoten opbrengsten van de bezittingen tevens moet worden gerekend de winst die de vennootschap in 1994 heeft gerealiseerd doordat een pensioenschuld vrijviel door de beslissing van erflater en zijn echtgenote om af te zien van hun pensioenrechten en dat aan dit oordeel niet kan afdoen dat uit de wetsgeschiedenis volgt dat de levering van het tegenbewijs moet geschieden door middel van een winstberekening met inachtneming van de regels van het Nederlandse belastingrecht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/37487d8b97a892d7daa3d66f2c19fe0397d4c5f01a49eeb68592d63830569ed6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 37487d8b97a892d7daa3d66f2c19fe0397d4c5f01a49eeb68592d63830569ed6, en de alinea staat in dat document op bytes 8262 tot 8987.