Citaat | Hoge Raad 18 juni 2004
Alinea 20 Hoge Raad 18 juni 2004
Een alinea uit Hoge Raad 18 juni 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP1896.
3.4.2. Anders wordt het indien door wetsduiding of door het gebruik van ficties de nationale wetgever inkomsten die naar hun aard volgens het Verdrag onder een bepaald verdragsartikel vallen dat die inkomsten niet aan Nederland ter heffing toewijst, bestempelt tot inkomsten die, zo de nationale duiding ook voor de toepassing van het Verdrag zou gelden, onder de omschrijving van een ander verdragsartikel komen te vallen dat die inkomsten wel aan Nederland ter heffing toewijst. Voor een duiding met een dergelijk effect laat artikel 3, § 2, van het Verdrag geen ruimte, omdat daarmee de werking van het Verdrag eenzijdig zou worden gewijzigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/78b2eeb5969fb19e461a03429af8ebadc306c96ebab80f0058577bfb06e9bb20. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 78b2eeb5969fb19e461a03429af8ebadc306c96ebab80f0058577bfb06e9bb20, en de alinea staat in dat document op bytes 10607 tot 11267.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/78b2eeb5969fb19e461a03429af8ebadc306c96ebab80f0058577bfb06e9bb20 | shasum -a 256