Citaat | Hoge Raad 18 juni 2004

Alinea 23 Hoge Raad 18 juni 2004

Een alinea uit Hoge Raad 18 juni 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP1896.

3.4.5. In het middel wordt met juistheid aangevoerd dat hier geen sprake is van inkomsten waarop artikel 22 (het restartikel) van het Verdrag van toepassing is. De fictie van artikel 24, lid 4, van de Wet doet immers geen inkomsten te voorschijn komen die vatbaar zijn voor belastingheffing door België als woonstaat. Uit hetgeen hiervóór in 3.4.3 is overwogen volgt evenwel dat het Hof, wat er zij van zijn oordeel omtrent de toepasselijkheid van artikel 22 van het Verdrag, een juiste beslissing heeft gegeven. Het middel kan mitsdien niet tot cassatie leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/78b2eeb5969fb19e461a03429af8ebadc306c96ebab80f0058577bfb06e9bb20. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 78b2eeb5969fb19e461a03429af8ebadc306c96ebab80f0058577bfb06e9bb20, en de alinea staat in dat document op bytes 13916 tot 14494.