Citaat | Hoge Raad 7 september 2004

Alinea 22 Hoge Raad 7 september 2004

Een alinea uit Hoge Raad 7 september 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP2257.

Het oordeel van het Hof, inhoudende dat het gesloten stelsel van rechtsmiddelen in strafzaken op onaanvaardbare wijze zou worden doorkruist indien bij de behandeling van de zaak ter terechtzitting een beroep zou kunnen worden gedaan op verzuimen bij het in art. 59a Sv bedoelde onderzoek van de Rechter-Commissaris, is juist. Anders dan in het middel wordt betoogd, noopt art. 13 EVRM er niet toe dat op dat verdrag gebaseerde klachten met betrekking tot die rechtmatigheidstoetsing aan de zittingsrechter, oordelende in de hoofdzaak, moeten kunnen worden voorgelegd zulks met het oog op de toepassing van één van de in art. 359a Sv genoemde rechtsgevolgen. Het middel faalt in zoverre.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/017aa930b5407e7fff750f74d77e60f227904b3c95de62f119e04e3473c35c06. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 017aa930b5407e7fff750f74d77e60f227904b3c95de62f119e04e3473c35c06, en de alinea staat in dat document op bytes 8396 tot 9098.