Citaat | Hoge Raad 29 oktober 2004
Alinea 43 Hoge Raad 29 oktober 2004
Een alinea uit Hoge Raad 29 oktober 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP2647.
3.3 In het hoger beroep dat [verweerster] in de vrijwaringszaak heeft ingesteld heeft het hof, met partijen, uit de beslissing van de rechtbank in de hoofdzaak afgeleid dat de rechtbank causaal verband aanwezig heeft geacht tussen de onjuiste mededeling in de Akkoordverklaring en de door de onderverzekering veroorzaakte schade van [betrokkene 1] en dat zij kennelijk ervan is uitgegaan dat [betrokkene 1], indien de onjuiste mededeling in de Akkoordverklaring niet zou zijn gedaan, in de periode tussen de kennisname van de Akkoordverklaring en de brand eigener beweging het pand zou hebben laten hertaxeren en de verzekerde som zou hebben aangepast zodat hij niet meer (of in veel mindere mate) onderverzekerd zou zijn. Hiervan ook in de vrijwaringszaak uitgaande heeft het hof geoordeeld dat aannemelijk is dat, indien [verweerster] niet zou zijn tekortgeschoten, [betrokkene 1] niet, althans niet in die mate als thans het geval is, zou zijn onderverzekerd, en dat Nationale-Nederlanden dan een hoger bedrag aan brandschade aan [betrokkene 1] had moeten vergoeden. Dit bedrag is, uitgaande van de opheffing van de onderverzekering, gelijk aan de uitkering die Nationale-Nederlanden nu heeft gedaan vermeerderd met de door haar aan [betrokkene 1] te betalen schadevergoeding. De daadwerkelijke vermogensver-mindering die Nationale-Nederlanden heeft geleden als gevolg van de fout van [verweerster] is, aldus het hof, in dat geval slechts gelegen in het premieverschil dat Nationale Nederlanden heeft gederfd als gevolg van het niet verhogen door [betrokkene 1] van de verzekerde som. Het hof acht daarom [verweerster] in beginsel slechts aansprakelijk jegens Nationale-Nederlanden tot betaling van een bedrag gelijk aan de premie die [betrokkene 1] extra verschuldigd zou zijn geweest wanneer hij de verzekerde som zou hebben verhoogd. In het incidentele hoger beroep van Nationale-Nederlanden oordeelde het hof, in tegenstelling tot de rechtbank, dat het feit dat Nationale-Nederlanden de fout in de Akkoordverklaring niet heeft opgemerkt, mede gezien het feit dat de taxatie een geringe schade betrof, niet kan worden aangemerkt als een omstandigheid op grond waarvan de schade op de voet van artikel 6:101 BW voor een deel aan Nationale-Nederlanden moet worden toegerekend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e191f15bf2cd2f4c9ced00534dcae75d819f2f92fb4982878eef74d333c60966. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e191f15bf2cd2f4c9ced00534dcae75d819f2f92fb4982878eef74d333c60966, en de alinea staat in dat document op bytes 12976 tot 15269.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e191f15bf2cd2f4c9ced00534dcae75d819f2f92fb4982878eef74d333c60966 | shasum -a 256