Citaat | Hoge Raad 14 september 2004

Alinea 17 Hoge Raad 14 september 2004

Een alinea uit Hoge Raad 14 september 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP4134.

3.2. Uit het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep blijkt niet dat aan de verdachte het recht is gelaten het laatst te spreken. Daarom moet het ervoor worden gehouden dat het in het vierde lid van art. 311 Sv op straffe van nietigheid gegeven voorschrift niet in acht is genomen. Het middel is derhalve terecht voorgesteld.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0ed97a6e7297109f38223092534136964754d2d1d9f7099d957bc32c709c6e06. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0ed97a6e7297109f38223092534136964754d2d1d9f7099d957bc32c709c6e06, en de alinea staat in dat document op bytes 6393 tot 6745.