Citaat | Hoge Raad 28 september 2004

Alinea 77 Hoge Raad 28 september 2004

Een alinea uit Hoge Raad 28 september 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP4221.

Op maandag 6 september 1999 ging ik omstreeks 13.35 uur naar het automobielbedrijf '[B]' te Rotterdam. Ik ben toen naar het restaurantgedeelte gegaan, waar ik een afspraak had met [verdachte]. Nadat ik [verdachte] begroet had merkte hij op dat ik wat vroeg was. Wij zetten ons aan een tafeltje. Ik zag en hoorde vervolgens dat [verdachte] met zijn telefoon een gesprek voerde in de Nederlandse taal. Even later kwam er een mij onbekende buitenlandse man binnen. Hij kwam naar onze tafel en begroette aanvankelijk [verdachte] en hij schudde mij de hand, zonder zich voor te stellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/80af2fdf42d8310f6a7f7955cb5cfd6a2731560938c7a8cb23d3635e786a52a8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 80af2fdf42d8310f6a7f7955cb5cfd6a2731560938c7a8cb23d3635e786a52a8, en de alinea staat in dat document op bytes 25823 tot 26417.