Citaat | Hoge Raad 2 november 2004

Alinea 43 Hoge Raad 2 november 2004

Een alinea uit Hoge Raad 2 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP4229.

3.7. Blijkens de geschiedenis van laatstgenoemde wet heeft de wetgever willen voorkomen dat tussen art. 344 Sr, welke bepaling zich richt tot de schuldeiser, en art. 47 Fw een discrepantie zou (voort)bestaan. Aangenomen moet dan ook worden dat de wetgever heeft beoogd dat doel te bereiken met de hiervoor onder 3.6.2 weergegeven wijziging van de redactie van die bepaling. Daarom moet art. 344 Sr aldus worden uitgelegd dat daarin met de term "ten gevolge van overleg met de schuldenaar" in samenhang beschouwd met de term "ter bedrieglijke verkorting van de rechten der schuldeisers" tot uitdrukking is gebracht dat voor een veroordeling in een geval als het onderhavige is vereist dat komt vast te staan dat dat overleg die verkorting - door begunstiging van de verdachte (schuldeiser) - tot doel had en bij dat overleg dus de bedoeling tot die verkorting zowel bij de schuldeiser als bij de schuldenaar heeft voorgezeten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/af4d8725218ee12d25901c0e0c924902a7702a311ab3405a28ccf5a22bc8be73. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt af4d8725218ee12d25901c0e0c924902a7702a311ab3405a28ccf5a22bc8be73, en de alinea staat in dat document op bytes 13977 tot 14915.