Citaat | Hoge Raad 25 juni 2004

Alinea 57 Hoge Raad 25 juni 2004

Een alinea uit Hoge Raad 25 juni 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP4373.

Vooropgesteld moet worden dat hierbij in een geval als het onderhavige als uitgangspunt heeft te gelden dat de vraag of aan de eisen voor een vordering op grond van ongerechtvaardigde verrijking is voldaan, zoals de rechtbank heeft geoordeeld (rov. 3.5) en in cassatie terecht niet is bestreden, moet worden beoordeeld met toepassing van het sinds 1 januari 1992 geldende art. 6:212 BW, en dat met betrekking tot het wegneemrecht van de huurder het tot 1 augustus 2003 geldende art. 7A:1603 BW van toepassing is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/59e55944185193c2710596fd90a946f26cdfb99f3f11e4e47c62438ae4ad703f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 59e55944185193c2710596fd90a946f26cdfb99f3f11e4e47c62438ae4ad703f, en de alinea staat in dat document op bytes 12346 tot 12872.