Citaat | Hoge Raad 28 september 2004
Alinea 24 Hoge Raad 28 september 2004
Een alinea uit Hoge Raad 28 september 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP4455.
Over het incident dat op 20 juli 2002 plaatsvond te [plaats] ter hoogte van het perceel [001], kan ik het volgende verklaren: Ongeveer één à twee weken geleden had ik een radio van een choller gekocht om weer te verkopen. Ik bood de radio te koop aan aan [slachtoffer 1], hij gaf een eerste betaling. Op 20 juli 2002 vroeg ik aan [betrokkene 1] of hij mij een ritje kon geven. Ik was van plan om naar [slachtoffer 1] te gaan. Dit in verband met het geld dat hij mij nog schuldig was in verband met de radio. Ik had een pistool bij mij. Gekomen bij [slachtoffer 1], stapten we allebei uit de auto. [Slachtoffer 1] was met een hark in de tuin bezig. Ik ging naar [slachtoffer 1] toe. Toen ik naar het geld vroeg, zei hij dat hij niets voor mij had. Ik ging op hem af, [slachtoffer 1] zwaaide naar mij met de hark. [Slachtoffer 1] trachtte weg te rennen, ik trok het pistool en loste een schot in zijn richting, doch op de grond. [Slachtoffer 1] rende weg. Later vernam ik dat [slachtoffer 1] door het schot geraakt werd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b4fb64eb398d866a9272a55fd7df71021f03c0a52e08152eca16f5248f455896. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b4fb64eb398d866a9272a55fd7df71021f03c0a52e08152eca16f5248f455896, en de alinea staat in dat document op bytes 9072 tot 10106.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b4fb64eb398d866a9272a55fd7df71021f03c0a52e08152eca16f5248f455896 | shasum -a 256