Citaat | Hoge Raad 28 september 2004

Alinea 29 Hoge Raad 28 september 2004

Een alinea uit Hoge Raad 28 september 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP4455.

[Verdachte] heeft met een handvuurwapen geschoten op [slachtoffer 1]. Ze waren aan het discussiëren toen ineens [verdachte] van onder zijn shirt het wapen te voorschijn heeft gehaald en het met gestrekte rechterhand op schouderhoogte gericht heeft op [slachtoffer 1]. Vanuit de voortuin van [slachtoffer 1's] huis stond ik te kijken. Ten tijde van het schot had [slachtoffer 1] een tuinhark in een van zijn handen. [Verdachte] en [slachtoffer 1] zijn uit elkaar weggerend."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b4fb64eb398d866a9272a55fd7df71021f03c0a52e08152eca16f5248f455896. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b4fb64eb398d866a9272a55fd7df71021f03c0a52e08152eca16f5248f455896, en de alinea staat in dat document op bytes 11763 tot 12250.