Citaat | Hoge Raad 19 november 2004

Alinea 32 Hoge Raad 19 november 2004

Een alinea uit Hoge Raad 19 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP5966.

3.2.3. Uit de hiervoor in 3.1.2 weergegeven wetsgeschiedenis kan niet anders worden afgeleid dan dat de wetgever met de terugwerkende kracht, verbonden aan de inwerkingtreding van de wijziging van artikel 8, lid 1, letter b, van de Wet, tot uitdrukking heeft gebracht dat de vóór 27 juni 2000 op grond van voornoemd artikel bestaande vrijstelling van waardestijging vanaf die datum niet meer kan bestaan, nu de wetswijziging tot doel had de tot dan toe bestaande mogelijkheid tot het onbelast realiseren van bestemmingswijzigingswinsten te repareren. Met een en ander strookt niet een keuzeherziening toe te laten waarbij met betrekking tot de daarbij te realiseren boekwinst de per 27 juni 2000 opgeheven vrijstelling nog van toepassing zou zijn. Het vorenstaande geldt ook voor een mogelijke toepassing van de compartimenteringsleer die erop neer zou komen dat de heffing over de waardemutaties tot 27 juni 2000 nog zou worden beheerst door de toen geldende landbouwvrijstelling, hetgeen afbreuk zou doen aan hetgeen de wetgever met de inwerkingtreding van de wijziging heeft beoogd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/439ebf94c1fae704164669e6f0f8e92f2b3815ab35b88f9b7bf3bf37e4f61dbc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 439ebf94c1fae704164669e6f0f8e92f2b3815ab35b88f9b7bf3bf37e4f61dbc, en de alinea staat in dat document op bytes 12275 tot 13375.