Citaat | Hoge Raad 7 december 2004

Alinea 36 Hoge Raad 7 december 2004

Een alinea uit Hoge Raad 7 december 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP8460.

4.5. Voorzover 's Hofs overwegingen moeten worden verstaan in de laatstbedoelde zin als hiervoor onder 4.3 omschreven, dient te worden vooropgesteld dat de enkele mogelijkheid dat de Zwitserse autoriteiten zijn misleid niet kan leiden tot de slotsom dat de Officier van Justitie niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vervolging van de desbetreffende feiten. Voorts is 's Hofs oordeel dat niet meer te achterhalen is of van een dergelijke misleiding sprake is geweest, niet zonder meer begrijpelijk, in aanmerking genomen dat de Advocaat-Generaal ter terechtzitting in hoger beroep van 4 februari 2003 niet alleen heeft gesteld dat naar haar oordeel van misleiding van de Zwitserse autoriteiten geen sprake is geweest, doch tevens dat zij in afwachting was van een via het Ministerie van Justitie te verkrijgen reactie van Zwitserland terzake.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/be21d287eac1f7725aa2bc29ff17edde45fde5f741ba1cac2b38cee051bd87b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt be21d287eac1f7725aa2bc29ff17edde45fde5f741ba1cac2b38cee051bd87b5, en de alinea staat in dat document op bytes 13854 tot 14717.