Citaat | Hoge Raad 9 juli 2004

Alinea 18 Hoge Raad 9 juli 2004

Een alinea uit Hoge Raad 9 juli 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP9660.

3.3. In cassatie dient, deels veronderstellenderwijs, ervan te worden uitgegaan dat A voor die kinderen geen recht had op kinderbijslag ingevolge de Algemene Kinderbijslagwet (hierna: de AKW). Het Hof heeft vastgesteld (rechtsoverweging 2.5) dat de Sociale Verzekeringsbank voor twee van de kinderen heeft beslist dat deze geen eigen kinderen, aangehuwde kinderen of pleegkinderen zijn van A, zulks onder meer op grond van de overweging dat er "geen gelijkstelling van Turks recht met het Nederlands recht inzake adoptie (is) en van erkenning geen sprake is". Die beslissing van de Sociale Verzekeringsbank is in overeenstemming met de jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep (vgl. CRvB 14 maart 2001, 99/2308 AKW, RSV 2001/136).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/df38d374df4bf39dca951edf95e6468da39fb8b3ba8f33bb3411f56dc15d7856. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt df38d374df4bf39dca951edf95e6468da39fb8b3ba8f33bb3411f56dc15d7856, en de alinea staat in dat document op bytes 7018 tot 7768.