Citaat | Hoge Raad 9 juli 2004
Alinea 19 Hoge Raad 9 juli 2004
Een alinea uit Hoge Raad 9 juli 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP9660.
3.4. Artikel 46 van de Wet geeft aanspraak op vermindering wegens buitengewone lasten voor uitgaven tot voorziening in het levensonderhoud van kinderen en pleegkinderen. Blijkens artikel 2, lid 3, aanhef en letter i, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (hierna: de AWR) verstaat de belastingwet onder kinderen: eerstegraads bloedverwanten en aanverwanten in de neergaande lijn. Daartoe kunnen worden gerekend kinderen die erkend zijn. Het Hof heeft geoordeeld dat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake is van naar Nederlands recht erkende kinderen en evenmin dat de erkenning naar Turks recht daarmee op een lijn gesteld kan worden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/df38d374df4bf39dca951edf95e6468da39fb8b3ba8f33bb3411f56dc15d7856. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt df38d374df4bf39dca951edf95e6468da39fb8b3ba8f33bb3411f56dc15d7856, en de alinea staat in dat document op bytes 7788 tot 8464.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/df38d374df4bf39dca951edf95e6468da39fb8b3ba8f33bb3411f56dc15d7856 | shasum -a 256