Citaat | Hoge Raad 19 november 2004

Alinea 31 Hoge Raad 19 november 2004

Een alinea uit Hoge Raad 19 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AQ3055.

3.1 In deze zaak kan worden uitgegaan van de feiten die zijn vermeld in de conclusie van de Procureur-Generaal onder 1. Het gaat in cassatie nog slechts om de vraag of aan het in art. 3:239 lid 1 BW neergelegde voorschrift van registratie van onderhandse akten van verpanding van vorderingen op naam ook is voldaan indien (en op het moment dat) de desbetreffende akte bij een notaris is gedeponeerd, althans indien (en op het moment dat) de notaris van dat depot een akte heeft opgemaakt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dca2a9fad170a0e795f22ec8ccd1029cac5d0e6bff6a365099cd91fcda71adda. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dca2a9fad170a0e795f22ec8ccd1029cac5d0e6bff6a365099cd91fcda71adda, en de alinea staat in dat document op bytes 7577 tot 8078.