Citaat | Hoge Raad 2 november 2004
Alinea 46 Hoge Raad 2 november 2004
Een alinea uit Hoge Raad 2 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AQ4289.
3.8.1. Indien een stuk wel een aangifte bevat maar geen uitdrukkelijk verzoek tot vervolging inhoudt, kan niettemin het bestaan van een klacht als omschreven in art. 164, eerste lid, Sv worden aangenomen. In dit laatste geval moet op grond van het onderzoek op de terechtzitting worden vastgesteld dat de klager ten tijde van het opmaken van dat stuk de bedoeling had dat een vervolging zou worden ingesteld (vgl. HR 11 januari 1994, NJ 1994, 278).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e6202a4edeae30807fbf5a46648fa25ee270f99704c67978d9aa9743d67ba9e1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e6202a4edeae30807fbf5a46648fa25ee270f99704c67978d9aa9743d67ba9e1, en de alinea staat in dat document op bytes 16803 tot 17265.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e6202a4edeae30807fbf5a46648fa25ee270f99704c67978d9aa9743d67ba9e1 | shasum -a 256