Citaat | Hoge Raad 3 december 2004
Alinea 39 Hoge Raad 3 december 2004
Een alinea uit Hoge Raad 3 december 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR0264.
3.4.1 Naar uit de wetsgeschiedenis van art. 37 Wtv en die van het voordien geldende art. 8 Telegraaf- en Telefoonwet 1903 (Staatsblad 1904, no. 7) volgt, ligt aan deze bepalingen de gedachte ten grondslag dat weliswaar een grondeigenaar verplicht is de aanleg en instandhouding van kabels voor telecommunicatie te gedogen zonder dat tegenover deze verplichting een vergoeding staat, maar dat deze verplichting niet verder gaat dan noodzakelijk is. Hieruit moet worden afgeleid dat een grondeigenaar die op zijn grond een gebouw wil oprichten of werken wil uitvoeren niet als gevolg van de omstandigheid dat een of meer kabels in zijn grond zijn gelegd, ook nog behoort te worden geconfronteerd met kosten voor de verplaatsing van die kabels, die in verband met de oprichting van het gebouw of de uitvoering van werken noodzakelijk is gebleken, en dat het in deze verhouding redelijk is dat die kosten voor rekening van de houder van de concessie komen. Daartoe houdt art. 37 lid 1 Wtv in dat in dat geval de houder van de concessie verplicht is de verplaatsing van de kabels op eigen kosten uit te voeren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/628bdfb7998639329f19d7c867bf385e01799f9a6020be7fffc05ef0a3ff3376. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 628bdfb7998639329f19d7c867bf385e01799f9a6020be7fffc05ef0a3ff3376, en de alinea staat in dat document op bytes 12187 tot 13305.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/628bdfb7998639329f19d7c867bf385e01799f9a6020be7fffc05ef0a3ff3376 | shasum -a 256