Citaat | Hoge Raad 10 december 2004
Alinea 19 Hoge Raad 10 december 2004
Een alinea uit Hoge Raad 10 december 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR1049.
Eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - heeft bij exploot van 15 juni 1998 verweerster in cassatie - verder te noemen: CSU - gedagvaard voor de kantonrechter te Amsterdam. Na vermeerdering van eis heeft hij gevorderd CSU te veroordelen om aan hem te betalen een bedrag van ƒ 61.726,54 bruto en een bedrag van ƒ 10.728,08 netto als vergoeding van reistijd en reiskosten over de periode van 1 januari 1992 tot 1 juli 1998, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 15 juni 1998.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bdaddaaf188fe37106979cf61269a9013c690f75139a2ea4ec16732a64dfda2c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bdaddaaf188fe37106979cf61269a9013c690f75139a2ea4ec16732a64dfda2c, en de alinea staat in dat document op bytes 5627 tot 6131.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bdaddaaf188fe37106979cf61269a9013c690f75139a2ea4ec16732a64dfda2c | shasum -a 256