Citaat | Hoge Raad 26 november 2004

Alinea 38 Hoge Raad 26 november 2004

Een alinea uit Hoge Raad 26 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR1739.

3.2 De hiervóór onder 1 vermelde vordering, gegrond op de stelling dat [verweerder] een beroepsfout heeft begaan door niet de wettelijke rente aan te zeggen, is door de rechtbank afgewezen omdat de vordering is verjaard. Het hof heeft in rov. 4.6 voorshands veronderstellenderwijs aangenomen dat de vordering niet is verjaard, maar heeft het vonnis van de rechtbank met verbetering van gronden bekrachtigd, omdat het, kort gezegd, van oordeel was dat [verweerder] geen beroepsfout kan worden verweten. De vraag of de vordering is verjaard, kon daarmee volgens het hof in het midden blijven. De hiertegen gerichte middelen behoeven geen behandeling, omdat de beslissing van de rechtbank, naar uit het hierna volgende blijkt, juist is, zodat het hof het daartegen gerichte beroep terecht heeft verworpen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bad27b4d145fc1a9c11ab255d89039cba6add80357974e706281fa371b62e009. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bad27b4d145fc1a9c11ab255d89039cba6add80357974e706281fa371b62e009, en de alinea staat in dat document op bytes 9059 tot 9876.