Citaat | Hoge Raad 1 oktober 2004

Alinea 16 Hoge Raad 1 oktober 2004

Een alinea uit Hoge Raad 1 oktober 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR3099.

3.3. Artikel 8:58, lid 1, Algemene wet bestuursrecht bepaalt dat partijen tot tien dagen voor de zitting nadere stukken kunnen indienen. De bepaling beoogt, blijkens de daarop gegeven toelichting, een behoorlijk verloop van de procedure te waarborgen.. Uit de strekking van die bepaling volgt dat de rechter - binnen het kader van een goede procesorde - de mogelijkheid heeft stukken die binnen tien dagen voor de zitting of eerst ter zitting zijn overgelegd al dan niet in de procedure toe te laten. Het Hof heeft in de onderhavige zaak geoordeeld dat het alsnog overleggen van een kilometeradministratie ter zitting tardief was. De door het Hof daarvoor doorslaggevend geoordeelde omstandigheid dat de Inspecteur al eerder had gewezen op de mogelijkheid die bewijsstukken over te leggen, is voor dat oordeel onvoldoende redengevend. Het middel slaagt derhalve.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/be8a9e1d3ddd5e72a1b9fcb2eff4d73aac722756738072ede460b4b09e8b76a1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt be8a9e1d3ddd5e72a1b9fcb2eff4d73aac722756738072ede460b4b09e8b76a1, en de alinea staat in dat document op bytes 7408 tot 8284.