Citaat | Hoge Raad 19 november 2004
Alinea 56 Hoge Raad 19 november 2004
Een alinea uit Hoge Raad 19 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR3137.
Het onderdeel kan geen doel treffen omdat het op een onjuiste rechtsopvatting berust. Het miskent dat, indien een debiteur van de schuldenaar - in dit geval de kopers van de desbetreffende onroerende zaken die de koopsom schuldig waren aan Ede en Veenendaal - zijn schuld aan deze voldoet door storting op diens bankrekening, de bank zich door creditering van die rekening tot debiteur maakt van de schuldenaar. Wanneer de bank daarbij niet te goeder trouw is in de zin van art. 54 F., verzet deze bepaling zich ertegen dat de bank zich op schuldvergelijking beroept (HR 8 juli 1987, nr. 12915, NJ 1988, 104). Anders dan het onderdeel betoogt, geldt het vorenstaande onverschillig of de bank voor, dan wel na de faillietverklaring van haar rekeninghouder een beroep op verrekening heeft gedaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2f5f95ccda439beb7bb4db4d465a2159875a78d85baf6f762e90474af8627035. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2f5f95ccda439beb7bb4db4d465a2159875a78d85baf6f762e90474af8627035, en de alinea staat in dat document op bytes 18642 tot 19449.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2f5f95ccda439beb7bb4db4d465a2159875a78d85baf6f762e90474af8627035 | shasum -a 256