Citaat | Hoge Raad 26 november 2004
Alinea 36 Hoge Raad 26 november 2004
Een alinea uit Hoge Raad 26 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR3138.
Bij het onderzoek van deze vraag heeft het hof (rov. 10) - in cassatie terecht onbestreden - als leidraad genomen het arrest van de Hoge Raad van 28 april 2000, nr. C98/363, NJ 2000, 430. In dat arrest heeft de Hoge Raad onder meer overwogen dat de termijn van dertig jaren van art. 3:310 lid 2 een objectief en in beginsel absoluut karakter heeft, dat wil zeggen dat, hoezeer dit ook moeilijk is te aanvaarden uit een oogpunt van individuele gerechtigheid ten opzichte van degene die schade heeft geleden, het beginsel van rechtszekerheid dat deze absolute termijn beoogt te dienen en de billijkheid jegens de wederpartij - waarbij in het bijzonder valt te denken aan de moeilijkheden die bij het loslaten van deze termijn voor deze kunnen ontstaan met betrekking tot het vaststellen van de feiten en het beoordelen van de gemaakte verwijten - meebrengen dat hieraan strikt de hand moet worden gehouden. Dit wil evenwel niet zeggen dat deze termijn nooit op grond van art. 6:2 lid 2 buiten toepassing zou kunnen blijven. Gelet op de belangen die deze regel beoogt te dienen, waaronder in het bijzonder het belang van de rechtszekerheid, zal echter van onaanvaardbaarheid als in die bepaling bedoeld slechts in uitzonderlijke gevallen sprake kunnen zijn. Een zodanig uitzonderlijk geval kan zich voordoen wanneer onzeker is of de gebeurtenis die de schade kan veroorzaken - hier: de blootstelling aan asbest - inderdaad tot schade - hier: de ziekte mesothelioom - zal leiden, die onzekerheid zeer lange tijd is blijven bestaan en de schade in die zin naar haar aard verborgen is gebleven dat zij daadwerkelijk is ontstaan en dus pas kon worden geconstateerd nadat de verjaringstermijn reeds was verstreken. Of in gevallen als het onderhavige toepassing van de verjaringstermijn van dertig jaar na de gebeurtenis waarop de aansprakelijkheid berust, inderdaad naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, zal met inachtneming van alle omstandigheden van het concrete geval moeten worden beoordeeld. In dit verband heeft de Hoge Raad zeven gezichtspunten genoemd, waarvan de rechter blijk moet geven deze in zijn beoordeling te hebben betrokken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d09f1aa27db413cf0159cf4888b1024ae48815e547760419cd1ec142df242b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d09f1aa27db413cf0159cf4888b1024ae48815e547760419cd1ec142df242b5, en de alinea staat in dat document op bytes 8552 tot 10729.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4d09f1aa27db413cf0159cf4888b1024ae48815e547760419cd1ec142df242b5 | shasum -a 256