Citaat | Hoge Raad 26 november 2004
Alinea 53 Hoge Raad 26 november 2004
Een alinea uit Hoge Raad 26 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR3138.
Onderdeel 4 zoals uitgewerkt in onderdeel 4.1, klaagt dan ook op zichzelf terecht dat het hof bij de toetsing aan gezichtspunt (e) ten onrechte een vergelijking heeft gemaakt met de bewijssituatie zoals deze bestond ten tijde van het aflopen van de verjaringstermijn. Deze klacht kan niettemin niet tot cassatie leiden, omdat toepassing van de juiste maatstaf niet tot een voor [eiser] gunstiger resultaat kan leiden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d09f1aa27db413cf0159cf4888b1024ae48815e547760419cd1ec142df242b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d09f1aa27db413cf0159cf4888b1024ae48815e547760419cd1ec142df242b5, en de alinea staat in dat document op bytes 19048 tot 19478.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4d09f1aa27db413cf0159cf4888b1024ae48815e547760419cd1ec142df242b5 | shasum -a 256